Minister Smet trekt voorrang Nederlandstaligen in Brussel op van 45 naar 55 procent

Bij de inschrijvingen in het Nederlandstalig onderwijs in Brussel (de 19 gemeenten van het Brussels Gewest) geldt nu een voorrang van 45% voor leerlingen uit Nederlandstalige gezinnen. Minister van Onderwijs Pascal Smet wil die voorrangsregeling optrekken tot 55% en bovendien de verklaring op eer (van de ouders) vervangen door een controleerbaar bewijs dat de ouder(s) Nederlands kennen. Wat sommigen misschien vanzelfsprekend vinden, roept bij anderen kritische reacties op. Hieronder vindt u de reacties van ACOD-Onderwijs (Regio Brussel) en van Johan Leman, medewerker van het Integratiecentrum “Foyer” en voormalig Commissaris voor de strijd tegen racisme.

Het kamperen voor de schoolpoorten eindelijk voorbij?

De tijd dat onderwijsmedewerkers met ‘allochtone’ leerlingen van school tot school leurden om toch een plaatsje te vinden, behoort in grote mate tot het verleden. De leerachterstand van deze leerlingen blijft evenwel kolossaal. Marc Laquière, pedagogisch raadgever van de Federatie van Marokkaanse Verenigingen in Antwerpen, onderzocht de problematiek. In onderstaand artikel formuleert hij een aantal kritische bedenkingen en voorstellen rond het inschrijvingsbeleid.

Alle kinderen hebben recht op een kwaliteitsschool in de buurt

De jongste weken bleek pijnlijk duidelijk dat Antwerpen, Brussel, Gent in de nabije toekomst afstevenen op een tekort aan scholen. In de media werd uitvoerig melding gemaakt van duizenden ouders die voor hun kind nog geen school (van hun keuze) hebben gevonden. Tijdens een debat in het Vlaams Parlement op 10 maart verklaarde minister Smet dat tegen september geen enkele leerling zonder school zal achterblijven. Het tekort aan scholen is niet het enige probleem dat moet opgelost worden om alle kinderen een kwaliteitsschool in hun buurt te verzekeren.

Inschrijvingsrecht: de weg naar meer gelijke toegang?

Op woensdag 21 april organiseert SCHOOL+ (Platform voor een school zonder uitsluiting) een studienamiddag over het inschrijvingsrecht. Het inschrijvingsrecht, als één van de drie centrale pijlers van het GOK-beleid, stelt dat alle ouders en leerlingen het recht hebben zich in te schrijven in de school van hun keuze. Dit zou gelijke toegang moeten verzekeren, segregatie tegengaan en diversiteit op school bevorderen. Meer en meer betrokkenen beweren echter dat de segregatie op school toegenomen is ... Welke mechanismen spelen hier?

Inschrijvingsbeleid in Gent, Antwerpen, Brussel

Tijdens het panelgesprek rond het inschrijvingsbeleid gaven de drie sprekers toelichting over het aanmeldingsexperiment van verschillende grootstedelijke LOP’s. De voorzitter van het Gentse LOP (basisonderwijs), Jean-Pierre Verhaeghe, lichtte het Vlaams inschrijvingsrecht toe, schetste de Gentse situatie van de basisscholen, gaf de technische aspecten en de organisatie van hun centraal aanmeldingsregister en evalueerde het experiment na één jaar. Marc Borremans, die namens ACOD in de Brusselse LOP’s zetelt (zowel basis als secundair onderwijs) vertelde over de stand van zaken in Brussel. Ondertussen is ook daar een akkoord voor een aanmeldingsprocedure gestemd in beide LOP’s. Tino Delabie schetste kort de inschrijvingsprocedure van het Antwerpse basisonderwijs. Hij lichtte verder het standpunt toe van Ovds voor het realiseren van een optimale sociale mix in de scholen.

Universiteit in de houdgreep van het bedrijfsleven !?

In de jaren dat het Limburgs Universitair Centrum werd uitgetekend (1971-1973) werd duidelijk gestipuleerd dat het moest bijdragen tot een democratiseringsgolf in het universitair onderwijs. Arbeidsjongeren, die van huis uit niet de financiële middelen kregen om ver weg een kot te huren, moesten beter kunnen participeren aan onderwijs en samenleving.

Interview met François Houtart. Het is de taak van de christenen om een fusie...

Hij is bekend in de vijf continenten. Hij heeft staatshoofden ontmoet en samengewerkt met Helder Camara. Sommige van zijn sociologische studies werden als werkdocumenten gebruikt op het Tweede Vaticaans Concilie. Toch ontvangt François Houtart mij in alle eenvoud en met veel warmte in de lokalen van het Centre Tricontinental te Louvain la Neuve. François Houtart had een parochiepriester kunnen worden. Maar na afloop van zijn seminarie, kwam hij in contact met de JOC (Jeunesse Ouvrière Chrétienne, Franstalige tegenhanger van de KAJ, Katholieke Arbeidersjeugd). Dat drukte een stempel op zijn engagement voor het Zuiden. Dit engagement bracht hem ertoe sociologie te gaan studeren. In Chicago specialiseerde hij zich in de godsdienstsociologie. Zowel door zijn engagement als door zijn onderzoeken reist hij veel, zelfs nu hij al 82 is. Voor dit interview profiteerden we van een adempauze van drie dagen tussen zijn terugkeer uit Congo en zijn vertrek voor zes weken naar Latijns-Amerika! Kortom, een ontmoeting met een “personaliteit”. In alle betekenissen van het woord.

Rector ULB sceptisch over hitparade universiteiten

Een klassement opmaken van de universiteiten, of van om het even welke onderwijsinstelling, leek ons nooit een goede zaak want voortspruitend uit de concurrentie-...

Als de vrijheid het recht met voeten treedt

Minister Arena wil de procedures om een school te kiezen voor een stukje reguleren.(1) Dit heeft verontwaardigde reacties losgewerkt bij sommige ouderverenigingen.(2) Nochtans maakt hun strijd minder deel uit van de legitieme verdediging van een bedreigd recht, dan van de huiverige bescherming van een klassenprivilege.

De globale, vermarkte school

Sinds een vijftiental jaar streven de geïndustrialiseerde landen ernaar de opdrachten, de structuren en de programma's van hun onderwijssystemen op één lijn te krijgen. De kennisinhouden, die de dragers zijn van gemeenschappelijke cultuur en toelaten de wereld te begrijpen, moeten stapvoets wijken voor vaardigheden die moeten instaan voor de “inzetbaarheid” en de aanpassingsmogelijkheid van de toekomstige werknemers of verbruikers. De gecentraliseerde opvoedingssystemen, die gezorgd hadden voor de massificatie van de jaren '50 tot '70, worden gaandeweg opgegeven ten gunste van netwerken van autonome instellingen, die van elkaar verschillen en mekaar intens beconcurreren. In het hoger onderwijs of het beroepsonderwijs worden nationale diploma's verdrongen door getuigschriften van modulaire vaardigheden die internationaal gelden en soms afgeleverd worden door privé-firma's. Parallel hiermee en onder impuls van het “e-learning” ontwikkelt zich de “Education business”. Een rapport van de OESO uit 1998 besloot onomwonden : “de mondialisering - economisch, politiek en cultureel - brengt met zich mee dat het instituut “School”, lokaal ingeplant et verankerd in een bepaalde cultuur en samen met haar de “leerkracht” als achterhaald afgeschreven worden” (OESO 1998). Maar wat zijn de gevolgen voor de lerenden?