Eerste schooldag van een onderwijzer in Projectschool

Facebooktwittergoogle_plusmail

Het onderwijs moet jongeren helpen socialiseren (leren functioneren in de samenleving) maar moet de jongeren niet laten wennen aan de fundamentele onrechtvaardigheden. Het onderwijs kan bijdragen tot de persoonlijke ontplooiing maar moet vooral ook een hefboom zijn voor sociale emancipatie. Het bovenstaande onderschrijf ik ten volle, schrijft Ludo Merckx, onderwijzer van “De Buurt”, een ervaringsgerichte lagere school in Gent.

Woensdag jl. startte bij ons het schooljaar 2009 – 2010. Ik heb dan voor het eerste de ganse groep kinderen aangesproken rond de inhoud van het komende schooljaar.
Het is belangrijk om kinderen te betrekken bij de inhoud. Dat vind je niet in een leerboek, dat vind je niet door een handleiding te volgen. De vraag stellen wat ze willen aanpakken stond centraal.

Als je vertrekt vanuit het idee dat er iets fundamenteel mis is in onze maatschappij en dat het tot onze taak behoort als progressief leerkracht om dat bloot te leggen, om kinderen mee te betrekken in een verhaal om daar iets aan te doen, dan wijken we af van wat momenteel opgang maakt : ‘Accent op talent’ benadrukt vooral dat je als individu het ‘kan waar maken’ : het carrière maken, het zichzelf opwerken en zich in de belangstelling werken, het zorgen dat je iets oplevert voor de economie (als sportman, als muzikant, als zakenman, …) staat voorop. Alles is er op gericht om vooral jezelf te leren profileren, je talenten niet te laten verloren gaan…

Mijn uitgangspunt is anders : er is een sociale kloof in de maatschappij en het onderwijs zal die niet wegnemen, ondanks alle ‘gelijke kansen’-retoriek. Mooie intenties, waarin je deels kan meegaan, maar die we ook moeten relativeren als er niets fundamenteel verandert in de maatschappij zelf.

Belangrijkste doelstelling in de opvoeding van jongeren is dan ook in de eerste plaats : voortdurend de kinderen attent maken op allerlei uitingen van ongelijkheid, onrechtvaardigheid, uitbuiting,…
Dat begint in de eigen groep door op te treden tegen het pesten, uitsluiten, minachten, kleineren, maar .. ook meteen door direct de link te leggen met het ruimer kader waarbinnen ze diezelfde mechanismen zien van achterstelling, ongelijkheid… Het ene verbinden met het andere is belangrijk om het bewustzijn te focussen op die hoofdopdracht : de sociale emancipatie.

Deze opdracht vind ik niet terug als ik me focus op de handleiding bij mijn handboek…

Om nu terug te keren naar woensdag jl. Hoe pakte ik het dan aan?
Ik heb met de kinderen gevraagd welke school wij waren : projectonderwijs.
Is dat een school zoals de andere? Wat is dan een project? Wat doen wij dan anders?
Ik heb ze laten nadenken, maar ik heb ze geen pasklaar antwoord voorgeschoteld en zeker niet in de stijl van : ‘Wat wij doen is goed, wat andere scholen doen niet’. Dat geloof ik trouwens absoluut niet !

Direct stapte ik over naar een heel klein toneeltje met Elisabeth. Elisabeth belde me en stelde voor om met een ganse resem vrienden, familie te komen eten bij mij.
Zo zat ik meteen met een probleem opgezadeld : hoe ga ik dat aanpakken om die allemaal te ontvangen?

Ik legde de vraag voor aan de kinderen die er dan in kleine groepjes over praatten. Daarna brachten we alles bijeen.
Korte reflectie : zo pakken we iets aan. Zo gaan we iets realiseren, iets nuttigs doen, … Dat is nou een project.

Nou … met dezelfde pedagogische logica ontdekt de overheid nu ook onze scholen en vinden ze het puik dat we dit doen : je leert kinderen ondernemers te zijn. Ondernemingsinitiatieven worden nu rijkelijk beloond via allerlei wedstrijden.

Fout ! Mijn pedagogische logica mag daarvoor niet misbruikt worden en trouwens de ziel verdwijnt er uit.

Woensdag jl heb ik met de kinderen beklemtoond dat we dit jaar samen heel wat willen en kunnen aanpakken, want er dient nog heel wat te veranderen, te verbeteren.
Daar leg ik dan de link met zeer sociale verhalen : in Nicaragua zag ik kinderen een moestuin aanleggen om aan hun voedsel te geraken. Het is bijna nodig om voorbeelden te gebruiken waaruit een noodzaak blijkt om iets aan te pakken, iets te verwezenlijken om er samen collectief op vooruit te gaan. Enkel als we die linken leggen en ook focussen op dergelijke voorbeelden kunnen we werken aan de sociale emancipatie: kinderen moeten gefocust worden op de sociale noodzaak om samen verantwoordelijkheid te nemen om veranderingen te realiseren. Dat gebeurt niet voldoende. Dat staat niet vooraan op het leerlijnlijstje !!!

Ik gebruikte woensdag ook voorbeelden uit de eigen praktijk. We horen steeds dat de conditie van kinderen achteruit gaat. Wel, wat hebben we er vorig jaar aan gedaan? Welke oplossing hebben we er voor uitgewerkt? Ja, we hebben ons getraind om samen met de andere wijkscholen op het einde van het jaar een ‘start to run’- loop van 5 km aan te kunnen, met zijn allen. Er wordt te weinig fruit gegeten. Wel, we gaan samen acties opzetten om ervoor te zorgen dat iedereen gratis fruit krijgt op school, dag na dag.

Moraal : ja, we kunnen aan de problemen iets veranderen waaraan we allemaal voordeel hebben, waarmee we niemand te kort doen.