Kinderen zonder papieren zijn geen papieren kinderen

Facebooktwittergoogle_plusmail

Kerkasiel.anders
(www.kms.be, kerkasiel.anders@kms.be)

Kerkasiel.anders formuleerde recentelijk tien voorstellen en eisen m.b.t de rechts- en levenspositie van kinderen en jongeren die zonder vergunning in ons land verblijven. Deze voorstellen zijn gegroeid uit studie, overleg en samenspraak met personen die professionele of vrijwillige contacten hebben met deze minderjarigen en hun ouders. Vanuit hun analyse vinden zij dat deze 10 kinderrechten moeten geschieden:

1. Kinderen en jongeren zonder wettig verblijf moeten volwaardig kunnen deelnamen aan het Vlaamse onderwijsaanbod. Het verlenen van toegang tot het basis- en secundair onderwijs heeft als consequentie dat de leerlingen in staat gesteld worden de kosten te vergoeden die aan het schoollopen verbonden zijn.

2. In de basisschool en het secundair onderwijs moeten de leerlingen zonder papieren de mogelijkheid krijgen minimaal het schooljaar dat ze aangevat hebben af te werken. Kinderen en jongeren moeten kunnen beschikken over het getuigschrift of diploma dat hen toekomt.

3. De school of de weg naar school kan in geen geval gebruikt worden als omgeving om kinderen en jongeren zonder wettig verblijf op te pakken voor een verblijf in één of andere vorm van detentie. Het opzetten van dergelijke acties zorgt voor een algemene angst bij ouders en leerlingen om te voldoen aan hun leerplicht. Voor de school en de schoolomgeving moeten dezelfde afspraken gemaakt worden als die welke gelden voor het recht op gezondheidszorg.

4. Kinderen en jongeren zonder wettig verblijf moeten een volwaardige toegang krijgen tot de gezondheidszorg. De huidige vorm van het recht op ‘Dringende medische hulp’ is geen volwaardig aanbod. Het beperkt de onmiddellijke toegankelijkheid tot de nodige zorgen en medicatie enerzijds en zet aan tot een oneigenlijk gebruik van de spoedgevallendiensten. Deze situatie verhoogt de kans dat de fysieke en psychische ontwikkelingskansen van de minderjarige worden verstoord en vraagt om een andere regeling die de toegang tot elke zorg, medicatie en behandeling zonder omwegen verzekert.

5. Kinderen en jongeren zonder wettig verblijf mogen niet van hun ouder(s), andere familieleden of begeleid(st)ers afgezonderd worden.

6. Kinderen en jongeren zonder wettig verblijf hebben behoefte aan een stabiele huisvestingssituatie of opvangplek. De organisaties verantwoordelijk voor de sociale verhuur of opvang moeten voorzien in extra woonplekken gericht op kinderen of op woonplaatsen die kind- en jongerenvriendelijk zijn. De subsidiërende overheid moet hen de nodige middelen ter beschikking stellen of dit mogelijk te maken.

7. In elk geval horen (gezinnen met) kinderen en jongeren zonder wettig verblijf niet thuis in de zogenaamde gesloten centra voor illegalen die door de overheid uitgebaat worden en die in de feiten gevangenissen zijn.

8. Kinderen en jongeren zonder wettig verblijf – met of zonder begeleiding/ouders moeten een volwaardige plaats krijgen in de jeugdhulpverlening en de opvang van minderjarigen. Daarbij moet rekening gehouden worden met de situatie van onmacht waarin de ouders of opvoeders zich bevinden. De opvoedingssituatie van kinderen en jongeren zonder papieren kan ook problematisch om andere redenen dan elementen die te maken hebben met de verblijfsstatus van hun ouders of begeleiders.
De kinderen en jongeren dienen gehoord te worden als elke andere minderjarige door de jeugdbescherminginstanties. Waar nodig zal de Vlaamse overheid instaan voor bijzondere initiatieven om deze volwaardige opvang mogelijk te maken.

9. Kinderen en jongeren zonder wettig verblijf moeten mogelijkheden krijgen om hun vrije tijd als een kind en jongere te beleven. Zij worden best niet volwassen in de besloten wereld van de clandestiniteit en de verborgenheid. Jeugdwerk en jeugdverenigingen dienen, in het kader van hun diversiteitsbeleid, deze doelgroep te betrekken in de werking.

10. Kinderen en jongeren zonder wettig verblijf kunnen niet teruggestuurd worden naar een land (van herkomst) dat het verdrag van de Rechten van het Kind niet erkend of geratificeerd heeft.

Bij wijze van opvolging stelt Kerkasiel.anders voor dat het Kinderrechtencommissariaat van het Vlaams Parlement tweejaarlijks een rapport samenstelt om de overheid te informeren over de stand van zaken m.b.t. de levenssituatie van de kinderen en jongeren zonder papieren.

Kerkasiel.anders roept het jeugd(bewegings)werk, onderwijskoepels, maatschappelijke kinder- en jongerenvoorzieningen en het middenveld op om deze tien voorstellen en eisen te bespreken, op te nemen in tijdschriften en op websites; en kenbaar te maken aan de bestuurlijke overheden op een passend moment