Op 1 oktober 2025 overleed Jane Goodall op 91 jarige leeftijd. Zij werkte haar hele leven op het kruispunt van wetenschap, activisme en educatie. Haar boodschap wordt vaak omschreven als eenvoudig en hoopvol – maar ze is ook radicaal helder: echte verandering is slechts mogelijk wanneer mensen begrijpen wat er op het spel staat, zich betrokken voelen en in staat zijn te handelen. Met die drieslag –kennis, betrokkenheid, agency – herinnert ze aan wat ook centraal zou moeten staan in onderwijs. Meer dan louter hoge cijfers na te streven, moet de school jongeren bijstaan in hun zoektocht naar betekenis. Meer dan een proces dat uitsluitend gericht is op het verwerven van schoolse kennis, moet het jongeren ook uitnodigen zich te verhouden tot de wereld buiten het klaslokaal. En dat deed Goodall. Vertrekkende van een aantal essentiële vragen – Hoe zijn mens en natuur met elkaar verbonden? Hoe kunnen we zorgzamer samenleven? Wat betekent het om verantwoordelijkheid te dragen voor de toekomstige generaties en een leefbare planeet? – zette ze programma’s op die jongeren aanmoedigen om kritisch, betrokken en zorgzaam in de wereld te staan. Haar levenswandel inspireert een pedagogische houding die dan ook bijzonder relevant is in tijden van escalerende klimaaturgenties en toenemend sociaal onbehagen.
Jane Goodall’s leven en werk
Goodall werd in april 1934 geboren in Londen, waar ze opgroeide in een middenklassegezin. Vooral haar moeder, bekend onder haar schrijversnaam Vanne, speelde een bepalende rol. Zij gaf Jane de ruimte om vragen te stellen en geduldig te observeren. De vaak aangehaalde anekdote van het jonge meisje dat urenlang in het kippenhok doorbracht omdat ze nieuwsgierig was naar hoe een kip aan haar ei komt, werd thuis niet als vreemd of ongehoord bestempeld, maar als een teken van gezonde opmerkzaamheid en wilskracht.
Jane’s kinderjaren werden ook gekleurd door de turbulenties van de Tweede Wereldoorlog. Ze vond troost en inspiratie in de natuur en boeken die haar thuis omringden. Jane volgde een opleiding tot secretaresse, maar droomde ervan om naar Afrika te reizen – een ambitie die in die tijd opmerkelijk was voor een vrouw zonder academische vooropleiding. De combinatie van kwetsbaarheid én aanmoediging, soberheid én verbeeldingskracht, vertaalden zich later in Goodall’s overtuiging dat gerichte keuzes en volgehouden engagement, de kiem kunnen zijn voor echte verandering.
Na haar ontmoeting met paleoantropoloog Louis Leakey, vertrok ze in 1960 naar het Gombe Stream National Park in Tanzania, waar haar observaties en inzichten het wetenschappelijke veld grondig door elkaar zouden schudden. Ze ontdekte dat chimpansees gereedschap maken en complexe sociale relaties onderhouden, en droeg zo bij aan een meer bescheiden mensbeeld. Vanaf de jaren tachtig richtte Goodall zich steeds meer op educatie, gemeenschapswerking en milieubescherming. Ze richtte het Jane Goodall Institute op en lanceerde in 1991 het jongerenprogramma Roots & Shoots, dat inmiddels wereldwijd voet aan grond vond.
Goodall’s werk als inspiratiebron
Goodall’s vaak geciteerde mantra – “Wat je doet maakt een verschil, aan jou om te beslissen welk verschil je wil maken.” – vat de pedagogische kern van haar levenswerk. Het is een oproep om bewust in het leven te staan, vooral ook op moeilijkere momenten. Haar persoonlijke levenswandel, van jonge autodidact tot gerenommeerd wetenschapper en wereldwijd gerespecteerde pleitbezorger voor planetaire rechtvaardigheid, toont in welke mate die persoonlijke drijfveer impactvol kan zijn. Haar leven en werk maken ook duidelijk dat maatschappelijk engagement niet voortkomt uit abstracte idealen, maar gevoed wordt door kennis en kansen die zich vertalen in concrete acties.
Goodall’s levensloop illustreert dat wetenschap en engagement elkaar niet in de weg staan, maar net kunnen versterken. Dat intuïtie en nauwkeurige observatie, feiten en betekenisgeving onlosmakelijk met elkaar zijn verweven. In beweging gebracht door de ecologische en sociale crises van haar tijd – van biodiversiteitsverlies en klimaatverstoring tot armoede en toenemende ongelijkheid – benadrukte ze dat hoop geen vrijblijvende verwachting mag zijn, maar een consequent aangehouden inspanning vraagt. Hoop is iets wat je doet. Een keuze die je bewust maakt.
Hoewel Goodall dus terecht gevierd en geprezen wordt, oogstte haar werk ook kritiek. Haar wetenschappelijke methode, bijvoorbeeld, berustte op habituatie – wilde dieren laten wennen aan menselijke aanwezigheid – wat niet onbesproken bleef. Hoewel noodzakelijk voor langdurig veldonderzoek, is het een vorm van ingrijpen die het gedrag van dieren verstoort, soms met kwalijke gevolgen: verhoogde agressie, verandering in hiërarchieën en risico op ziektetransmissie. Er rezen ook vragen over haar natuurbehoudprogramma’s. Houden die niet het risico in nieuwe onevenwichten binnen te brengen in kwetsbare systemen? Gaan ze niet voorbij aan lokale kennis en autonomie? Zijn ze niet al te eng gericht op individuele initiatieven en gedragsverandering?
Goodall toonde zich ontvankelijk voor deze vragen en ging ermee aan de slag. Ze stelde haar methoden en programma’s bij en inspireerde daarmee niet alleen belangrijke debatten en ontwikkelingen in de onderzoeksethiek en gemeenschapsgedreven natuurbeheer, maar maakte ook zichtbaar dat kennis steeds gesitueerd is en engagement niet altijd vanzelfsprekend of vlekkeloos.
Vertaling naar de klaspraktijk
Goodall laat zien dat kennisverwerving begint bij nabijheid, bij aandachtig kijken, luisteren en aanwezig zijn. De kernhouding waarop haar werk rust, staat in scherp contrast met de versnelling en verschraling die zowel het maatschappelijk leven als het onderwijs vandaag kernmerken. In klassen waar een veelheid aan punten en toetsen al te vaak het ritme bepalen, herinnert ze ons eraan dat betekenisvol leren vraagt om verlangzaming en verdieping.
Voor Goodall bleef kennis ook nooit op afstand. Haar onderzoek was verankerd en vervlochten met mens, dier en omgeving. Leren vertrok voor haar vanuit verwondering en de bereidheid om de wereld werkelijk te ontmoeten. Vanuit verbondenheid en oprechte betrokkenheid. Vertaald naar de klascontext betekent dit dat leren een proces moet zijn waarin relaties en betekenis centraal kunnen staan.
Jongeren zag Goodall niet als toeschouwers, maar als mede-actoren met een eigen voorkeur, verantwoordelijkheid en stem. In het leerproces moeten zij ruimte en inspraak krijgen. Ruimte om zelf vragen te formuleren, ervaringen en bekommernissen te delen. Mogelijkheden om zelf keuzes te maken, richting te geven en bij te sturen.
Bouwend op deze zienswijze, wordt onderwijs niet louter een voorbereiding op de maatschappij zoals die is – laat staan een project dat jongeren zo efficiënt als mogelijk toe moet leiden naar hun voorbestemde plek op de arbeidsmarkt – maar een groeiproces dat jongeren toerust om zelf invulling te geven aan hun maatschappelijke rol en verantwoordelijkheid. Op die manier is Goodall’s werk ook relevant voor leerkrachten. Ze zet op scherp wat velen onder hen voor de klas heeft gebracht: de zin om jongeren te begeleiden in hun groei als mens.
Slotreflectie
Het huidige onderwijsdebat wordt al te vaak gedomineerd door schijntegenstellingen: excellentie versus inclusiviteit, kennis versus vaardigheden, welbevinden versus prestaties. Deze tegenstellingen zijn niet alleen onvruchtbaar, ze doen ook geen recht aan de rijkdom en complexiteit van goed onderwijs. Het levenswerk van Jane Goodall – gevoed door verwondering, doordrenkt van hoop en verantwoordelijkheid, maar ook menselijke kwetsbaarheid en feilbaarheid – wijst een andere weg. Er schuilt een uitnodiging in om scholen te zien als broedplek voor nieuwsgierigheid én kritische reflectie, moedige én zorgzame actie, kennis- én kansenrijk. Goodall toont hoe kennis en betrokkenheid elkaar kunnen versterken. Hoe wetenschap en twijfel hand in hand kunnen gaan. Dat onderwijs jongeren kan leren begrijpen hoe en waarrond de wereld draait, én hen kan inspireren om actief bij te dragen aan een betere toekomst. Niet naïef of heldhaftig, maar met scherpte én nuance, met zorg én ambitie.
Linde Moriau
Linde Moriau is biologe, gefascineerd door de evolutie van levende organismen en de complexiteit van natuurlijke ecosystemen. Ze stond lange tijd als leerkracht natuurwetenschappen in het secundair onderwijs voor de klas. Vandaag werkt ze als onderwijsontwikkelaar in het hoger onderwijs.
Referenties
Clifton, M. (2025). Jane Goodall, 91, defied scientific & ecological convention all her life. Animals 24-7. (2025, 5 oktober). https://www.animals24-7.org/2025/10/05/jane-goodall-91-defied-scientific-ecological-convention-all-her-life/
Goodall, J. (1971). In the shadow of man. Houghton Mifflin.
Goodall, J., & Berman, P. (1999). Reason for hope: A spiritual journey. Grand Central Publishing.
Greene, M. (2005). Jane Goodall: A biography. Bloomsbury Publishing.
Jane Goodall Institute Global. (z.d.). Roots & Shoots International Network. https://www.rootsandshoots.org
