De wetenschap verdient financiële onafhankelijkheid

Facebooktwittergoogle_plusmail

In een opiniebijdrage ‘De wetenschap verdient ons vertrouwen’ (De Standaard, 1/12/06) verdedigen Marc Vervenne en Karen Maex de noodzaak van openheid voor wetenschappers over eventuele persoonlijke belangenverstrengeling en de financieringsbronnen voor hun onderzoek. « Maar transparantie is niet voldoende », betoogt Dirk Van Duppen, huisarts in Deurne en bekend als promotor van het « kiwi-model » voor goedkopere geneesmiddelen.

Twee studies gepubliceerd in twee toptijdschriften de Britisch Medical Journal (BMJ. 2003;326:1167-70) en de Journal of the American Medical Association (JAMA. 2003;289:454-65) toonden aan dat in geneesmiddelenonderzoek er een systematische vertekening is in de uitkomsten van gesponsord onderzoek vergeleken met dat van onafhankelijk onderzoek. Onderzoeken gefinancierd door farmaceutische bedrijven hadden 4 keer meer kans om voor de sponsors gunstige uitkomsten te geven dan studies die gefinancierd werden door onafhankelijke bronnen.

Daarbij was niet zozeer de kwaliteit van de studie oorzaak van vertekening, maar wel de onderzoeksopzet. Bij studies waarin een vergelijking werd gemaakt met bestaande geneesmiddelen, werd het geneesmiddel van de sponsors in hogere gelijkwaardige doses toegediend dan het geneesmiddel in de controlegroep. Of omgekeerd, als de studie de nevenwerkingen van een geneesmiddel in kaart moest brengen, diende men het geneesmiddel in de controlegroep in hogere doses toe dan in de interventiegroep waaraan het geneesmiddel van de sponsors werd gegeven. Zo werd in studies waarbij nieuwe (atypische) en klassieke geneesmiddelen tegen psychosen werden vergeleken, vaak het klassieke haloperidol (merknaam Haldol) in vrij hoge doses gebruikt vergeleken met de dosis van een nieuw middel, waardoor met haloperidol het voorkomen van ongewenste effecten hoger was.

Ook de keuze van de studiepopulatie leidde tot vertekening in de uitkomsten van gesponsord onderzoek. Zo werden pijnstillers die normaal bedoeld zijn voor bejaarde artrosepatiënten vooral uitgetest bij jonge studiepopulaties. Bij deze laatste groep van mensen zijn de effecten van deze pijnstillers sterker aanwezig en komen nevenwerkingen veel minder vaak voor dan bij kwetsbare bejaarden.

Tenslotte proberen firma’s tegenvallende studieresultaten weg te moffelen of niet te publiceren, waardoor er vertekening in de publicaties ontstaat. Vandaar dat de voormalige hoofdredacteur van de New England Journal of Medicine Marcia Angell in haar boek ‘The truth about the drug companies’ (Random House, 2004) pleit voor financiële onafhankelijkheid als voorwaarde voor betrouwbaar onderzoek. Ook Walter Vandereycken (KUL) treedt in zijn boek ‘Psychiaters te Koop’ (Cyclus, 2006) die mening bij.

Is zoiets realistisch? In 2004 ontving Gasthuisberg in Leuven 5,1 miljoen euro van de farmaceutische industrie als sponsorgeld voor 250 klinische onderzoeken. In 2003 betaalde het RIZIV 29,3 miljoen euro te veel voor de cholesterolverlager Zocor, wanneer we zijn prijs vergelijken met de prijs van het generische product. Deze vermijdbare meerkost voor één geneesmiddel van één multinational, die ons land trouwens niets aan onderzoek of tewerkstelling opbrengt, bedraagt bijna zesmaal het bedrag aan farmaceutische sponsoring voor klinisch onderzoek aan onze grootste universiteit. Tenslotte als zelfs maar een deel van de reclame kosten van de farmaceutische bedrijven, die gemiddeld 30% van de verkoopcijfers bedragen, kan gaan naar onafhankelijk onderzoek dan verdient de wetenschap meer vertrouwen.


Dirk Van Duppen

huisarts en auteur van De Cholesteroloorlog. Waarom geneesmiddelen zo duur zijn?

www.dirkvanduppen.be