7 oktober 2023: een datum die niet zal ontbreken in de geschiedenishandboeken. Hamas, de Palestijnse politieke, religieuze en militante organisatie die sinds 2006 de Gazastrook bestuurt, vuurt een spervuur van raketten af op Israëlische dorpen in de grensstreek, en op Tel Aviv en Jerusalem. Honderden van haar strijders slagen erin ‘s werelds meest beschermde grenslijn te doorbreken en richten een vreselijk bloedbad aan in het grensgebied. Naar schatting 250-255 personen worden gevangengenomen en als gijzelaars naar Gaza overgebracht. De gevolgen zijn genoegzaam gekend: Israël reageert met een nooit geziene brutaliteit en begint onder de dekmantel van een oorlog “met Hamas” aan de uitmoording van het Palestijnse volk. Het officiële dodental ligt momenteel om en bij de 70.000: mensen gedood door Israëlische bommen, tanks of scherpschutters en bezweken aan acute verwondingen. In werkelijkheid wordt het aantal doden veel hoger geschat : duizenden die onder het puin liggen, die niet geclaimd worden, die bezweken zijn aan honger en uitputting, aan infectieziektes, aan gebrek aan medische verzorging enz.
We hadden een gesprek met Pauline, Yasmina, Sara en Habiba, die het collectief “Teachers for Palestine” op de rails hebben gezet en organiseren.
Wereldwijd komen miljoenen burgers op straat om de genocide door de zionistische apartheidsstaat aan te klagen. Jullie wilden daarmee aan de slag: hoe kwam Teachers for Palestine tot stand?
Pauline: Ik nam deel aan al de betogingen, vaak samen met collega’s leerkrachten. Een van onze eerste protestborden verwees naar het percentage kinderen in Gaza, en naar het feit dat jongeren vandaag zien wat er gebeurt en hoe we ons als leerkrachten daartegenover verhouden. Tijdens een bezoek aan Ierland in 2024 zag ik “Teachers for Palestine”. Op een demonstratie in Cork liepen daar leerkrachten rond met een grote banner. We geraakten aan de praat en zo ontstond het idee om in België ook zo te werk te gaan.
Yasmina : In ons collectief zitten mensen met verschillende achtergronden die één ding gemeen hebben: een hart voor het onderwijs. Wij zijn leerkrachten secundair, basisonderwijs, opvoeders, … We zijn zowel in het Nederlandstalig als het Franstalig onderwijs vertegenwoordigd.
Pauline : Er zijn ondertussen gelijkaardige initiatieven in verschillende landen zoals Frankrijk, Zwitserland, Canada, …

Er bestaan al decennialang landelijke en plaatselijke solidariteitscomités met Palestina. Waarom nu “Teachers for Palestine”?
Habiba : We delen allen dezelfde verontwaardiging over de gruweldaden die sinds 7 oktober 2023, en al vele tientallen jaren lang, plaatsvinden in de Palestijnse gebieden. Als leerkrachten en als mensen die werken met jongeren willen we onze solidariteit uitdrukken met leerkrachten in Palestina, met leerlingen die geen school meer hebben aangezien haast alle scholen zijn vernield.
We willen zo de discussie op gang brengen binnen onze respectievelijke scholen en het respectvol debat tussen onze leerlingen aanmoedigen. We geloven dat wij leerlingen en schoolbeleidsteams bewust kunnen maken van de actualiteit door middel van samenwerkingsprojecten met elkaar en met verschillende verenigingen. We respecteren hierin op elk moment het decreet over de neutraliteit van het onderwijs. Want hier nemen we geen politiek standpunt in, maar reageren we vanuit een menselijk standpunt. Als opvoedende mens is het onze morele plicht om rechtvaardigheid voor alle mensen te verdedigen, alsook het recht op onderwijs.
Men zegt ‘Practice what you preach’, wij zeggen ‘Practice what you teach’.
Jullie verwijzen naar het decreet over de neutraliteit: leerkrachten worden gezien als rolmodellen en worden geacht hun politieke en religieuze overtuiging niet uit te dragen in de klas. Hoe gaat het collectief dan praktisch met dit decreet om?
Sara: Dat verhaal van de ‘neutrale leerkracht’ moet zeer kritisch benaderd worden. Bij Teachers for Palestine baart het ons zorgen. Want wat is neutraliteit? Is een leerkracht die voor de klas racisme of seksisme problematiseert dan ook niet ‘neutraal’ meer? De neutraliteit waarvan sprake in de decreten slaat niet op het inhoudelijke discours over mensenrechten, wereldburgerschap en het belang van een sterke rechtsstaat en dus het waarborgen van internationale verdragen. Elke leerkracht wordt geacht deze waarden uit te dragen. Neutraliteit herinnert ons eraan dat we aan veelstemmige groepen lesgeven die elk hun eigen levensbeschouwing, ideologie, politieke voorkeur hebben en allemaal even welkom zijn. Als het niet meer ‘neutraal’ zou zijn om universele waarden uit te dragen zoals het idee dat een kind recht heeft op onderwijs, veiligheid, en een toekomst, dan zijn wij niet het probleem…
“Wie zwijgt is medeplichtig” zouden we kunnen zeggen?
Sara: Inderdaad. Teachers for Palestine doet eigenlijk niets “bijzonders” door de mensenrechtenschendingen aan de kaak te stellen. Het is eerder de ontvangst ervan die nieuw is. Immers, al jaren schrijven leerkrachten mee aan “Schrijf ze vrij-dagen” van Amnesty International, hangen posters van 11.11.11 op in de school, verkopen tijdens speeltijden chocolade van Oxfam-wereldwinkels, zetten acties rond Broederlijk Delen en Vredeseilanden op touw. Niemand die dan de ‘neutraliteit’ in vraag stelt toch?
Ondanks de formele communicatie van instanties met autoriteit ter zake, leken verschillende kaders van de verschillende netten onder druk te staan en riepen ze leerkrachten op ‘neutraal’ te zijn. Zo mocht er geen rode lijn opgehangen worden op school, mocht de sticker niet op de laptop geplakt worden… Ook een massa leerkrachten riep ons op tot die Neutraliteit op social media. Ze verwezen hiervoor naar de neutraliteitsverklaring van het Go!. Die hebben wij – in tegenstelling tot die leerkrachten, vermoeden we – wel degelijk gelezen.
In die neutraliteitsverklaring wordt nérgens gezegd dat leerkrachten geen uitgesproken meningen over thema’s zoals mensenrechten mogen uitdragen. Integendeel, ze nodigt ertoe uit en vraagt hier bewust en ‘niet indoctrinerend’ mee om te gaan. Als wij ervoor kiezen om op 1 september met een rood hemd aan letterlijk kleur te bekennen aan onze collega’s en leerlingen, dan is dat niet hetzelfde als een leerling een 0 geven op een toets omdat die van mening zou verschillen hieromtrent.
Net omdat we rolmodellen zijn, zijn we niet neutraal. We zijn inderdaad absoluut rolmoddelen in het uitdragen van mensenrechten en wereldburgerschap en het belang van de handhaving van internationale verdragen.
Het collectief beperkt zich niet enkel tot de klasvloer maar wenst vanuit verschillende invalshoeken te ageren: wat willen jullie precies bereiken binnen de schoolmuren en in het onderwijsveld?
Pauline : Onze allereerste plicht is informeren en onderwijzen, altijd. We integreren de problematiek in onze lessen en gaan met onze leerlingen in gesprek als daar nood aan is. Het is heel belangrijk om naar jongeren te luisteren, zodat zij kunnen uiten hoe ze zich voelen terwijl ze een genocide zien gebeuren op hun telefoon. Tegelijkertijd moeten we ook informeren en misinformatie (ook op diezelfde telefoon) tegengaan. Dit kan in verschillende vakken: in geschiedenis wordt het conflict en de historische context uitgelegd, in taalvakken kan er aan de slag gegaan worden met short stories van Palestijnse schrijvers, krantenartikels over wat er aan het gebeuren is, opiniestukken, het bekijken van documentaires of nieuws- en talkshowfragmenten, …
Habiba : Tegelijkertijd willen we als leerkracht onze solidariteit uitdrukken met onze collega’s in Gaza die door de scholasticide en genocide hun job niet meer kunnen uitoefenen of zelfs het leven laten. Daarom mobiliseren we voor elke betoging. Maar ook dan willen we informeren en dragen we nummers op onze banner van hoeveel leerkrachten gedood werden, schoolgebouwen vernietigd, een definitie van scholasticide, …
Pauline : Een derde pijler is leerkrachten verenigen rond dit topic. Vaak voelen leerkrachten zich hierin alleen staan. Door info-avonden te organiseren waar we samen een Palestijnse of Libanese maaltijd nuttigen, brengen we niet alleen leerkrachten samen, maar leren we ook van elkaar, en geven we informatie en good practices door.
Actie is eveneens een belangrijke pijler. Welke acties werden al op touw gezet?
Yasmina: We zijn aanwezig op elke nationale betoging, herkenbaar aan onze eigen banner en het logo dat we zelf mee ontwierpen. In de beginfase brachten we leerkrachten samen tijdens inspirerende meet-ups, waar we ideeën uitwisselden en acties bedachten. Daarnaast organiseerden we in Brussel twee infoavonden, met gastsprekers en Palestijnse gerechten. We ontvingen onder andere mensen van Amnesty International, AJAB (Anti-Zionist Jewish Alliance) en een gepensioneerde leerkracht die jarenlang in Palestina heeft gewoond. Hun expertise, verhalen en persoonlijke getuigenissen gaven de avonden een bijzondere intensiteit. De avond was een groot succes: de zaal zat vol, de gesprekken waren diepgaand en de energie was voelbaar. We merkten daarbij hoeveel leerkrachten iets willen betekenen, maar vaak niet goed weten hoe ze dat moeten aanpakken. En precies daarom willen we een plek zijn waar leerkrachten houvast en inspiratie vinden.
Pauline : Op 1 september 2025 deden we een nationale oproep aan leerkrachten om in het rood te gaan werken, naar analogie met de rode lijn-campagne, onder het motto “Geen 1 september as usual in tijden van genocide”. We riepen de leerkrachten ook op om lege stoelen vooraan in de klas te zetten, aangezien kinderen in Gaza niet terug naar school konden/kunnen. Leerkrachten deelden hun foto’s van hun rode outfits en de lege stoelen met ons.
Habiba : De slotactie was een symbolische actie aan de Beurs in Brussel, waar we lege schoolstoelen neerzetten en schoolgerief. We namen daar het woord en vroegen een minuut stilte aan het einde van onze speech voor alle mensen in Gaza, en specifiek al de leerkrachten en leerlingen die daar gedood werden. Maar ook voor de kinderen in Congo en Soedan. Immers, wereldwijd wordt kinderen het recht op onderwijs ontzegd door conflict en oorlog.
Israël en de genocide veroordelen wordt vaak onthaald op beschuldigingen van anti-semitisme. Is dit ook jullie ervaring? Zijn er contacten met de Joodse gemeenschap?
Pauline : In alle communicatie zijn wij uiterst voorzichtig. Deze beschuldiging is dan ook nog niet voorgevallen. Op onze eerste info-avond hadden wij, zoals reeds gezegd, een vertegenwoordiger uitgenodigd van AJAB die hun perspectief als Joods collectief uit de doeken deed. Als leerkracht is het nooit onze bedoeling om te polariseren, dat is ook een deel van hoe we communiceren.
Jongeren einde jaren ’60, begin jaren ’70 ontwikkelden een enorm anti-imperalistisch en anti-koloniaal inzicht door de Viëtnamoorlog. De oorlog tegen Irak zorgde voor een brede bewustwording in de vorige generatie. Merk je dat de jongeren die nu op de schoolbanken zitten een nieuw politiek bewustzijn ontwikkelen door deze genocide?
Sara : We zien dat het eerder aan de universiteit is dat jongeren acties ondernemen, en zich verenigen. Toch zijn veel jongeren in het middelbaar (en zelfs in het lager) er ook fel mee bezig. Zij zien immers de beelden op social media. Sommige leerlingen komen we tegen op betogingen of op onze acties, en dat is heel fijn. Voor andere leerlingen is er een soort van moeheid opgetreden, of zelfs een gevoel van verpletterende machteloosheid.
Er is nu een, weliswaar zeer broos, staakt-het-vuren. Hoe zien jullie de toekomst van het collectief?
Pauline : Als jong collectief met veel verschillende soorten mensen, uit verschillende delen van het land, zijn we al op bepaalde moeilijkheden gebotst. Ook intern zijn er soms meningsverschillen. Sommige mensen haakten na verloop van tijd af, andere mensen kwamen er dan weer bij.
Yasmina : Er is ook niet één persoon verantwoordelijk, we doen dit allemaal on the side van het lesgeven, … De praktische organisatie van een collectief is al een struikelblok gebleken. Toen we met het collectief begonnen in de lente van 2024 hoopten we dat het vandaag, anderhalf jaar later, niet meer nodig zou moeten zijn… De realiteit blijkt anders. Ondanks het staakt-het-vuren, gaat het geweld gewoon door, moeten scholen en huizen daar from scratch terug worden opgebouwd, …
Sara : Een denkpiste is wel om met verloop van tijd eventueel Teachers for Palestine te laten groeien naar iets algemeners als Teachers for Peace, wat ons toelaat het over al de andere confllicten te hebben. Ik vind het belangrijk dat we het activisme en het intellectuele werk voor en door Gaza mee blijven uitdragen. Juist vanuit Gaza worden ook belangrijke handvaten geformuleerd om een houding in te nemen ten opzichte van wat bijvoorbeeld in Soedan gebeurt. Hun harde werk over educide moet verspreid worden, en daarmee houden we ook hun gedachtengoed in leven.
Romy Aerts
Je kan Teachers for Palestine volgen op Instagram teachersforpalestine_bel







