Toespraak Eric Corijn ( ABVV-VUB)

Facebooktwittergoogle_plusmail

Waarom zijn wij hier ? In de eerste plaats om de burgers uit te nodigen eens na te denken over hun hoger onderwijs. Bericht aan de bevolking dus, aan de inwoners van dit land, aan de opiniemakers…

Men zegt ons dat we in een kennismaatschappij leven, dat we overgaan van een industriële naar een postindustriële samenleving, dat de wereld verandert en concurrentiëler wordt, dat wij en Europa onze levenstandaard maar kunnen waarborgen als we rekenen op innovatie en creativiteit, dat onze enige grondstof hooggeschoolde hersenen zijn… Dat zegt men…

En wat doet men? Men hervormt het hoger onderwijs en de universiteiten.

Met drie simpele richtlijnen:

a) Hoger onderwijs zijn geen scholen meer maar moet werken als de bedrijfswereld, met rentabiliteitscriteria, met rationalisatie van middelen, met verhoging van de output, met standaardisering en massificatie, met boekhoudkundig beleid, ja zelfs met interne vermarkting van de diensten . Studenten worden grondstofffen. Personeel moet daar dan een meerwaarde aan toevoegen. En onze bedrijfsleiders leveren dan afgewerkte producten aan de afzetmarkt, de arbeidsmarkt dus! Onderwijsrentabiliteit dus.

Denkt men nu echt dat dat de beste formule is voor creatie, innovatie, probleemoplossing en hooggeschoolde mensen? Dat kan men niet menen.

b) Die onderwijsfirma’s moeten zich dan concurrentieel meten met anderen op de wereldmarkt. De productiviteit wordt direct afgemeten aan internationale standaarden, rankings, bench marking, A1 tijdschriften, citation indexes, doordringingscoefficienten… Denkt U dat daar ooit een wetenschappelijke discussie is over gevoerd? Denkt U dat enig onderzoek is gebeurd over de criteria waarmee die benchmarking of peer review gebeurt? Of denkt U dat men rekening houdt met de studies die aantonen dat die rankings en peer reviews helemaal geen objectieve resultaten opleveren?

Voor wanneer een wetenschappelijke discussie over het wetenschapsbedrijf zelf? Voor wanneer een openbaar onderzoek naar de effecten van dat systeem?

c) En, derde principe… het mag allemaal niks meer kosten. En dus voert men een enveloppe-financiering in. En elk bedrijfje mag dan concurreren voor het geld. Op het format van een reality show op TV! Niet mijn restaurant, maar “Mijn universiteit! “Er moet groei zijn. Studentenaantallen vergroten. Studiejaren verlengen. Het pakket keuzevakken uitbreiden. Neen niet het werk dat je er in stopt wordt betaald. Wel de output die je levert. Geen uurloon dus, maar het negentiende eeuwse principe van het stukloon! Diplomafabriek.. Aantal publicaties, aantal citaties, aantal masters, aantal doctoraten.. Aantal, aantal,aantal… En dat zou een kwaliteitslabel moeten zijn.

Die gehele hervorming wordt top-down ingevoerd op zeer technocratische wijze, zonder enig democratisch, laat staan enig inhoudelijk, debat! Het beleid in het hoger onderwijs heeft gekozen voor het Expeditie Robinson principe: trachten te overleven met weinig middelen door samen te werken en dan regelmatig een eilandenraad en collega’s wegstemmen! Dat is wat Oosterlinck “de positieve competitie tussen de universiteiten” noemt! Oosterlinck, de animator van de Robinson universiteiten , de Evi Hanssen van het hoger onderwijs. Samenwerken met een gezond wantrouwen! Want op het einde van de rit krijgen alleen de sterkste stijgers meer, de mindere stijgers gaan achteruit!.

Harder werken, meer opleveren, met minder geld! Op die manier kan je personeel niet motiveren. Op die manier zal je de meest creatieve mensen niet naar de universiteit halen. Met zo’n fabriekscultuur maak je uiteindelijk alleen middelmatige massaproductie. En weet U wat ze zullen doen wanneer ze merken dat hun systeem de besten laat gaan ? Dan zal men overgaan tot het creëren van elitescholen en elitediensten, met bijkomend geld, en voor het maken van luxeproducten!. De tweede peiler van het hoger onderwijs!

En denkt U , waarde medeburgers, geacht publiek, dat de universiteiten en de hogescholen met zo’n beleid de kritische kenniscentra van de samenleving zullen blijven, de broedplaatsen van vernieuwing, dat ze hun dienstverlening aan de samenleving ernstig zullen blijven nemen. Vergeet het. Ik ben (zoals Filip Reyntjens) einde loopbaan en moet geen promotie meer maken. Maar zullen de jonge docenten zich nog mogen inzetten? Vergeet het. Het wordt niet geteld. Kennisoverdracht aan het middenveld, deelnemen aan het maatschappelijk debat., opiniestukken in de kranten… Het brengt niks op. Het verenigingsleven en de media moeten maar zelf de Amerikaanse A1 tijdschriften lezen! Het eigen individueel CV gaat boven alles! Publish or perish! Want universitairen zijn elkaars concurrenten!

En in die wereld moet de kwaliteit stijgen? Kom nou! Op den duur zullen we zoals Toyota afgestudeerden moeten terugroepen om stukken te reviseren en bij te stellen! En er zullen nog meer gevallen van plagiaat worden ontdekt.

Waarde publiek. Zoals de gladiatoren in Rome: Ave Caesar, morituri te salutant, diegenen die gaan sterven groeten U. De politici die spreken over kennismaatschappij en alles zetten op creativiteit en innovatie komen hun beloften niet na, noch de beloofde budgetverhoging, noch de 7% van het BBP voor onderwijs, noch de Lissabonnorm, noch het Pact van New York… Ze willen steeds meer voor steeds minder geld!

Er is geen geld voor Hoger onderwijs , maar er zijn wel miljarden om slecht beheerde banken te redden, private bedrijven hun winsten veilig te stellen en de notionele interestaftrek te behouden. Investeringen in onderwijs en wegeninfrastructuur, die krijgen wel direct een rode nota van de minister van begroting.

De prioriteiten van onze beleidsmakers zijn dus duidelijk. We zien waar het geld wel en waar het niet voor is bestemd. Volgens onze bescheiden mening liggen de keuzes volkomen verkeerd. Maar wij zijn natuurlijk maar wereldvreemde academici in onze ivoren toren en we kennen niks van systeemlogica of van maatschappelijke processen, vooral als we een andere analyse hebben. Ons excuus daarvoor. Maar we wilden het toch even zeggen.

En vandaar toch nog een bescheiden oproep aan de minister van onderwijs: luister ook eens naar ons, academici, naar het personeel van universiteiten en hogescholen, aanvaard ook eens een kritische stem en zet het beleid van Uw voorganger niet blindelings voort. Het leidt naar een catastrofe!

Eric Corijn (ABVV VUB)