Autres articles dans cette rubrique

Mots-clés

Recherche

Accueil du site || Eduquer et instruire || Citoyens critiques || De kritische geest oefenen

"De kunst om (goede) vragen te stellen, en ze te beantwoorden, is dus een noodzakelijke competentie voor de praktijk van de democratie. Zo is de school, de plek waar men leert om de werkelijkheid te onderzoeken met de maximale zorgvuldigheid die de omgang met verschillende wetenschappen kan geven, een democratische leerschool bij uitstek", aldus Luis Miguel Lloreda, leraar Frans (1).

De kritische geest van jongeren opwekken is één van de belangrijkste missies van de school. Al staat dit niet zo in de bij decreet vastgestelde algemene doelstellingen van het onderwijs. Wij vinden inderdaad dat "alle leerlingen voorbereiden om verantwoordelijke burgers te zijn, in staat om bij te dragen aan de ontwikkeling van een democratische, solidaire, pluralistische maatschappij die open staat voor andere culturen", onmogelijk te verwezenlijken is, als men ze niet helpt om de voorgekauwde eenheidsworstideeën in vraag te stellen. Prima, maar hoe ? Welke vragen stellen aan leerlingen, concreet in de klas ? Welke problemen voorleggen ? Welke sleutels, welke hendels activeren ? Welke virussen toedienen ? Hoe kan men ze helpen antistoffen aanmaken die beschermen tegen het gif van leugenachtige en egoïstische betogen ? Hier volgen een paar voorstellen. Wij hebben daarbij niet de pretentie volledig te zijn en maken van de gelegenheid gebruik u eraan te herinneren dat ons tijdschrift en onze site wijd open staan voor iedere suggestie.

Betekenisvolle documenten bestuderen

Wij kunnen erop toezien dat wij voor onze lessen alleen betekenisvolle documenten gebruiken. Om grafieken en statistieken te leren lezen bijvoorbeeld, kan men werken met de verslagen van de UNDP (kencijfers menselijke ontwikkeling), met demografische gegevens (de kloof meten tussen de mythe van de invasie door buitenlanders en de werkelijke gegevens van het Nationaal Instituut voor de Statistiek), de evolutie van de arbeidsongevallen, de scores van behaalde onderwijsresultaten naargelang de sociale afkomst, enz. … in plaats van tijd te verspillen aan het werken met onbenullige gegevens.

De wereld begrijpen… doorheen zijn tegenstellingen

U vindt in dit dossier een artikel dat deze methode specifiek belicht.

Op zoek gaan naar de materiële inzet

Welk probleem men ook bestudeert, in plaats van de uitzichtloze weg van de individuele en idealistische moraal te bewandelen ("de wereld zal pas veranderen als ieder zich bewust wordt van zijn verantwoordelijkheid" ; het vitale belang van de moraal willen wij zeker niet ontkennen, maar geef toe dat het wachten niet alleen erg lang dreigt te duren … maar ook dodelijk wordt voor diegenen die niet het geluk hadden op de goede plek geboren te worden), moeten de materiële, economische, politieke, militaire, electorale of culturele drijfveren van het conflict opgespoord worden. Zo is de verovering van Irak bv. veel beter te verklaren door wat economisch (olie), militair en electoraal op het spel staat, dan door een duistere confrontatie tussen de krachten van Goed en Kwaad.
Als de kwestie van de concentratiekampen, of meer recent,die van de genocide in Rwanda ter sprake komt, waarom zou men het laten bij een - weliswaar noodzakelijk - relaas van feiten, van menselijk leed ? Als men echt wil dat dit "nooit meer" gebeurt, moet men veel verder gaan, moet men vragen stellen over de oorzaken en mechanismen die de grondslag van deze gruweldaden vormen. Wie heeft er materieel baat bij gehad ? Wat is de historische oorsprong ? Wat is de verantwoordelijkheid geweest van landen die nu anderen de les lezen ? Wie zag de ramp aankomen en heeft niets gedaan ? Waarom ?

De vraag van de sociale klasse stellen.

In tegenstelling tot wat beweerd wordt door degenen die er baat bij hebben, zijn de sociale klassen niet verdwenen. Het is niet omdat "arbeiders" omgedoopt werden tot "medewerkers" dat hun loon en hun arbeidsomstandigheden op één lijn komen te staan met die van hun leidinggevenden, hun patroons en de aandeelhouders van hun bedrijf. Gebeurtenissen bekijken doorheen een rooster van sociale klassen blijft uitermate pertinent en verhelderend. Een voorbeeld : de gevolgen van asbest op de gezondheid van de werknemers van scheepswerven (uitzending Thalassa, France 3, 19 januari 2001). Men kan deze documentaire bekijken, de verschillende sociale actoren onderscheiden - arbeiders, families die verwanten verloren, patroons, arbeidsgeneesheren, politici enz. -, de positie van elk van hen noteren. Wie heeft wat gewonnen ? Wie heeft het meest profijt gehad ? Wie heeft het meeste verlies geleden ? Waarom worden door de ene categorie zulke uitspraken gedaan, en andere elders ?

Gebeurtenissen in een historisch perspectief plaatsen.

Vaak weerspiegelen leerlingen de heersende opvattingen. "Maar meneer, de wereld is zoals hij is. Je kunt er niets aan veranderen. Altijd zijn er sterke mensen en zwakkeren geweest". Is het inderdaad zo dat in de geschiedenis van de mensheid, alle gevechten voor een rechtvaardiger wereld faalden ? En ook al was het vaak het geval, door welke - interne en externe -factoren waren ze tot mislukken gedoemd ? De geschiedenis van de rechten van de mens, van feministische overwinningen, van arbeidersbewegingen of bijvoorbeeld nog van de Parijse Commune, van de Oktoberrevolutie in Rusland, van Cuba, van Latijns-Amerikaanse republieken die in de 17e eeuw door de Jezuïeten gesticht werden, enz., is zeker het bestuderen waard.
Ander leitmotiv van het eenheidsdenken : "Als men welvaart wil, moet er sociale vrede zijn, dat wil zeggen meer werk, minder stakingen, minder vakbonden, minder betogingen…"
Toch zal men in de geschiedenis van de 20e eeuw bemerken dat in de jaren ’60 het lot van het merendeel van de wereldbevolking aanzienlijk verbeterde (vooral dat van arbeiders en van volkeren van de derde wereld). En dat terwijl juist de jaren ’60 zich kenmerken door de explosieve rivaliteit tussen twee grote blokken, grote stakingen, onafhankelijkheidsoorlogen en nationalisaties …

Wie heeft dat gezegd ?

Wie heeft gezegd dat de wereld altijd zo geweest is ? Wie bazuint er steeds maar rond dat, behalve kleine hervormingen met humanitaire en media- doeleinden, niets kan veranderen ? Wie heeft er baat bij ons het onaanvaardbare te laten accepteren ?
Als de Franse minister Sarkozy plots zoveel medeleven betoont voor "de kleine man" (die het belangrijkste slachtoffer zou zijn van onveiligheid in de wijken), het Frankrijk "van beneden" volgens premier Raffarin …, moet men dan zijn uitspraken voor zoete koek slikken ? Of moet men kijken naar de sociale afkomst van degene die dat zegt, naar het (ontbreken van) sociaal beleid dat werkelijk door zijn regering gevoerd wordt, het electorale en carriëristische belang achter een dergelijk betoog ?

Wie komt de misdaad ten goede ?

"Massale werkloosheid is in hoofdzaak te wijten aan het gebrek aan moed van uitkeringsgerechtigden die misbruik maken van het systeem". "Wie echt wil werken en moed heeft is zal altijd werk vinden". Twee steeds terugkerende leitmotieven van de pasklare neo-liberale gedachte.
Wellicht kan men oud-leerlingen uitnodigen, liefst vrij goede leerlingen en nog niet lang afgestudeerd. Dan kan men hen laten getuigen hoe moeilijk het is om een echte baan te vinden. De bazen wachten tot een jongere maandenlang werkloos is om hem in dienst te nemen - en beter uit te buiten - in één van de vele nepstatuten die verzonnen werden om de werkloosheid te verminderen (zegt men). Wie heeft er voordeel bij deze situatie ? Wie is de belangrijkste profiteur in dit verhaal ? Zou een maatschappij zonder werkloosheid net zo voordelig zijn voor de bedrijfsbazen ? Trouwens, ga maar terug naar het vak "de gebeurtenissen in een historisch perspectief plaatsen". In de jaren ’60 heersten ideale omstandigheden voor wie ervoor koos om van de werkloosheid te profiteren : bijna geen controle, hogere uitkeringen, geen vermindering voor samenwonende werklozen, enz. Toch maakten weinig werkers misbruik van de situatie. Zou de oorzaak van de werkloosheid elders te zoeken zijn ?

De kwestie van de gehoorzaamheid aan het gezag ter sprake brengen

De grootste genociden werden uitgevoerd door "brave burgers" in naam van de gehoorzaamheid aan het gezag en de heersende orde. Het bestuderen van de mechanismen van één van deze volkerenmoorden zou in het schooltraject van elke student moeten staan. Zonder taboes. En de kwestie van de gehoorzaamheid dient men frontaal aan te pakken. Men moet de zogenaamde natuurlijke band tussen burgerzin en wettelijkheid doorbreken. De burger is niet noodzakelijk degene die blindelings aan de wet gehoorzaamt. Wat niet betekent dat ongehoorzaamheid vanzelfsprekend goed is en dat wij voor incivisme pleiten. Een voorbeeld : als ik, als Belgische burger, het beleid van mijn land inzake het (ontbrekende) asielrecht, met gesloten centra, het terugsturen van kandidaat vluchtelingen naar de gruwel van hun land van herkomst, als ik dat accepteer en steun, dan ben ik ongehoorzaam ten aanzien van andere wetten , zoals de Verklaring van de Rechten van de Mens of de wet betreffende het geen bijstand verlenen aan mensen in nood. Het begrip gehoorzaamheid is vreselijk subjectief. Van 1940 tot 1945 was de goede burger, bij ons, in het "verzet". Voor de Duitsers was het een "terrorist".

Enkele leermeesters van het "kritische denken" en andere bronnen van alternatieve informatie

Los van het feit of men het 100 % eens is met hun ziens- en handelswijze, toonden en tonen enkele kritische intellectuelen en actievoerders nog steeds verschillende uitwegen van de kritische geest.
1. Aan sommigen onder hen hebben we zelfs audiovisuele documenten te danken waarvan de analyse ons kan helpen om de praktijk van deze manier van denken te systematiseren.
De Amerikaan Michael Moore (Roger and me, The Big One en Bowling for Columbine) of de Fransman Pierre Carles (Pas vu pas pris, Enfin pris, La sociologie est un sport de combat en Attention danger travail) zijn schoolvoorbeelden van films met een meesterlijk samenspel van documentaire elementen, de kritische methode, een onverbiddelijke lef en een verwoestende humor.
2. Zeker loont het ook de moeite om de methode die Noam Chomsky op punt stelde om het officiële betoog van het Amerikaans imperium uiteen te rafelen, te leren kennen. Dat kan door één van zijn (vaak in het Nederlands vertaalde) boeken of artikels te lezen.
3. In de familie van de kritische intellectuelen kan men uiteraard Pierre Bourdieu en zijn volgelingen die de uitgeverij "Raisons d’Agir" stichtten, niet overslaan.
4. De "regionale rit winnaars", de Belgen dus : Collon, De Sélys, Geuens, Decroly, Morelli, Bricmont, enz.
5. "Bijtende" internet sites : plpl (www.homme-moderne.org/plpl/), indymedia (www.indymedia.be), acrimed (observatiepost van de media : www.acrimed.samizdat.net), antipub (www.antipub.net) …. Van link naar link vindt u er nog veel meer.
6. Tijdschriften - en hun scherpe spotprenten - zoals Charlie Hebdo, le Canard enchaîné.
7. Over de voornaamste (in)consequenties van de huidige dominerende wereldpolitiek worden ons geregeld door diverse verenigingen zowel onweerlegbare als kritische pedagogische instrumenten ter beschikking gesteld. Nu eens over de verwoesting van het milieu, dan weer over de schuld van de Derde Wereld, de weerzinwekkende onzichtbare praktijken van grote merken, of nog over de doodstraf, de farmaceutische industrie die Afrika laat stikken, enz.
8. Vergeet ook onze voorgaande dossiers in "De democratische school" niet : de reclame op school (DS nr. 4), jongeren en media (DS nr. 10), participatie (DS nr.12).

Aan het werk !

Vito Dell’Aquila en Philippe Schmetz

(1) "Changer le rapport au savoir pour changer le rapport au pouvoir", een van de interessante artikels verschenen in Apprendre la démocratie et la vivre à l’école, van de Confédération Générale des Enseignants (inmiddels CGé, ChanGements pour l’Egalité) en van uitg. Labor, Brussel 1995.

Répondre à cet article